top of page

Vegan mayonaise

Als je in een avondwinkel werkt, krijg je met regelmaat zonderlinge figuren en rare snuiters op bezoek. Gezellig, maar gevaarlijk.

De jaren ’80-soft rock schalt zachtjes krakend door de gangpaden van de supermarkt. Jacob hoorde de hits op deze door corporate opgestelde playlist al oneindig vaak. Hij kent daardoor niet alleen elke drum-, zang-, en baspartij van voor naar achter, maar ook elke ademteug en onvolkomenheid – details die de gemiddelde luisteraar nooit zal opvallen. Zo weet hij dat in de frase “I bless the rains down in Africa”, het woord ‘Africa’ licht vals klinkt. Jacob ziet erop toe deze specifieke noot altijd precies even vals mee te fluiten, zelfs als hij een klant helpt. In de paar secondes pauze tussen de nummers, hoort hij alleen het monotone gehum van de vriesvakken.

Hij voelt zich thuis bij de graveyard shift. Zijn naam prijkt dan ook steevast op het avondrooster dat in het kantoortje aan de muur hangt. Hij nestelt zich op zijn vaste plek, de versleten barkruk achter de kassa, zijn neus diep begraven in een verfomfaaid exemplaar van Odysseus. Af en toe een slok nemend uit zijn mok kamillethee, het touwtje van het zakje als anker om zijn vinger gewikkeld. Tuurlijk, hij moet wel eens een dronkenlap helpen zijn creditcard te swipen. Of onsamenhangend gebrabbel van een junk aanhoren. Hij neemt het voor lief, de misfits die de nacht produceert helpt hij met liefde. Het herinnert hem aan hoe hij vroeger voor z’n halfbroertje zorgde.

Alhoewel de nacht tot nu toe kalm was, begint de wind ineens te spoken. De automatische deuren klapperen zachtjes in hun sponningen, regendruppels en witte plastic tasjes smijten zich tegen de ramen. Jacob probeert naar buiten te kijken, maar ziet alleen zichzelf en de winkel fel in de ruit gereflecteerd. Het geeft hem een unheimisch gevoel, als zwemmen in een zwarte oceaan waar van alles onder je beweegt en gebeurt. Zonder te begrijpen waarom, voelt hij zich ineens steeds zwaarder en lomer. Een onzichtbare deken van stroperige massa plet hem op zijn kruk. De ruimte dringt zich op een vreemde manier aan hem op. Het plafond, de vloer, de muren; alles komt langzaam op hem af – en drijft dan weer van hem weg, alsof het gebouw ademhaalt. Hij wordt steeds slaperiger en zakt weg, zonder daar ook maar iets tegen te kunnen doen.

Hij schrikt wakker, bijna van zijn kruk vallend. ‘Hoe lang was ik out?’, denkt hij. Het gevoel bekruipt hem dat hij niet alleen in de winkel is. Terwijl hij peinst over hoe het kan dat hij ineens weg was, hoort hij een geluid vanuit gangpad drie komen. Een soort geschraap. Na een moment door angst verlamd te zijn, glijdt van z’n kruk af, zijn ogen strak gericht op waar het geluid vandaan kwam. Hij pakt z’n prijsstickerpistool van de counter en steekt deze achter zich, tussen rug en riem. Weifelend zet hij een paar stappen richting het gangpad, zijn shirt koud en klam tegen z’n rug geplakt.

Al lopend geeft het felblauwe licht van de tl-lampen de winkel een onwerkelijke, plastische gloed. Alsof, als je een zak chips uit het schap pakt en opentrekt, er slechts krantenproppen in blijken te zitten. Bij de hoek van gangpad drie aangekomen, houdt hij zijn adem in. Hij slaat de hoek om en ziet, bij het saus-schap, een bejaarde man staan. ‘Een klant’, denkt Jacob opgelucht. De man draagt een grote jaren ’70-bril met rechthoekig montuur, een beige ribbroek, een morsige grijze spencer. Een dunne baan haar zit strak op zijn schedel geplakt, die er zowel glimmend als pluizig uitziet. Ook heeft de man een lange, dunne buis bij zich, dat aan een koord om zijn schouders hangt, maar Jacob kan niet thuisbrengen wat het is. Het lijkt een beetje op een erwtenschieter, waar hij en zijn vriendjes vroeger de buurt mee terroriseerde. De man lijkt het label van een pot vegan mayonaise te lezen, dat hij zo dicht bij zijn hoofd houdt dat zijn wijnrode, geaderde neus bijna tegen het glas drukt.

‘Dag meneer, kan ik u helpen?’, zegt Jacob. De man lijkt zijn aanwezigheid niet op te merken. ‘Hállo’, zegt hij nu iets harder. ‘Heeft u misschien hulp nodig?’ De man laat de pot langzaam zaken en beweegt zijn hoofd even zo traag richting Jacob. Z’n vuistdikke brilglazen vergroten zijn ogen tot schotels. ‘Weet jij wat ketamine is?’, vraagt de man met krakende, rasperige stem. ‘Euh… weet ik niet, wát zegt u?’, zegt Jacob. ‘Heb je tuinerwten in je oren, slome?’, zegt de oude man. ‘Ik vroeg: weet jij wat ketamine is?’ Ja, natuurlijk weet hij wat dat is. Zijn vrienden en hijzelf snuiven het maar al te graag. Op afters bijvoorbeeld, om vervolgens midden in een zin te vergeten wat ze aan het vertellen zijn. Ook weet hij dat het van origine een verdovingsmiddel voor paarden is. Maar hij praat niet over druggebruik in het openbaar. Zéker niet met klanten. Dus zegt hij: ‘Als ik u ergens mee van dienst kan zijn, geeft u maar een gil’. De man blijft Jacob strak aankijken zonder iets te zeggen. Na een paar ondraaglijke seconden zegt hij: ‘Oké, nou, eh, ik ben bij de kassa als u me nodig heeft’, en loopt terug, de man achterlatend.

Terug op z’n kruk probeert hij zich weer op zijn boek te concentreren. Maar hij leest dezelfde zin telkens opnieuw, raakt verstrikt in de woorden. Hij legt zijn boek weg en speelt afwezig met een elastiekje. Als hij even later een rondje doet, is de man nergens te bekennen. Gek, want Jacob hoorde geen ‘dingdong’ van de automatische deuren. Een tijdje later is hij weer in gangpad drie. Hij ziet op de plek waar de man stond iets op de grond dat hem eerder niet opviel. Het is een hoopje meel, de kartonnen verpakking leeg ernaast. Iemand heeft met zijn vingers er iets in geschreven, Jacob buigt zich voorover om het te kunnen lezen. ‘Voel. Je. Nek.’ Jacob volgt de instructie en zijn hart begint door zijn borstkas te stuiteren als een bal in een flipperkast. Met zijn hand in zijn nek sprint naar het kantoortje, waar de spiegel hangt. Hierin ziet hij eerst zijn lijkbleke gezicht, dan laat hij zijn ogen naar beneden zakken. Daar zit het, net onder zijn linkeroor. Een klein slank kunststof pijltje, met donzige veertjes aan het uiteinde.

©2022 by Komunikat. Proudly created with Wix.com

bottom of page